Verpotten is een onmisbare stap als je een mooie, gezonde plant wilt telen en behouden. Na verloop van tijd hebben vaste planten en heesters in een pot namelijk alle voedingsstoffen in hun substraat opgebruikt. Soms komen de wortels ook in de knel te zitten, waardoor de plant zich niet goed meer kan ontwikkelen. Ontdek onze gids om succesvol te verpotten en zo mooie planten in pot te behouden.

Waarom een plant verpotten?
- Of het nu om een kamerplant of een buitenplant gaat, een plant in pot heeft minder ruimte dan een plant in de volle grond. Het wortelstelsel komt na verloop van tijd in de knel te zitten. De plant stopt dan met groeien. Je plant heeft dus meer ruimte nodig om verder te groeien.
- Na enkele maanden heeft je plant alle voedingsstoffen in het substraat opgenomen. Sommige groene kamerplanten en bloeiende planten worden dan bleker, stoppen met bloeien en groeien niet meer. Ze lijken je duidelijk de rug toe te keren. Deze planten hebben nieuw substraat nodig om weer op krachten te komen en hun mooiste loof te laten zien.
- Verpotten is ook een eenvoudige manier om planten te scheuren, bijvoorbeeld door de wortelopslag van de moederplant te scheiden.

Wanneer planten verpotten?
De beste periode om te verpotten is aan het begin van het voorjaar, wanneer je plant uit de vegetatieve rust komt. In dit seizoen is de plant namelijk het krachtigst en kan hij de stress van deze verandering het beste verwerken.
Idealiter verpot je een plant om de twee jaar.
Planten die je net hebt gekocht, verpot je meestal meteen na aankoop.
Welke potdiameter kies je?
De diameter van de pot moet iets groter zijn dan die van de huidige pot. Geef bijvoorbeeld een Azalea in een pot van 30 cm een nieuwe pot met een diameter van 40 cm. Een veel bredere en hogere pot kan ervoor zorgen dat je plant moeilijk aanslaat. Hoe groter de pot, hoe meer potgrond zonder wortels erin zit en hoe groter het risico op rotting door het water geven.
Kies altijd een pot met drainagegaten om overtollig water af te voeren.
Hoe verpot je een plant op de juiste manier?
1- Haal je plant uit de pot:
- Leg je plant met pot en al neer;
- Snijd met een snoeischaar de wortels weg die eventueel uit het drainagegat groeien;
- Pak met één hand alle plantendelen onderaan vast. Tik met je andere hand stevig tegen de pot om de wortels los te maken. Trek de pot daarna voorzichtig weg.

- Dompel de wortelkluit in water in een teil met kalkarm water, bijvoorbeeld regenwater, om de grond vochtig te maken. Let erop dat het water op kamertemperatuur is, zodat de wortels geen extra thermische stress ondervinden.
Tips:
- Een licht vochtige of zelfs droge wortelkluit neemt minder ruimte in en is daardoor gemakkelijker uit de pot te halen dan een doorweekte wortelkluit. De grond is dan ook minder zwaar, waardoor je je rug ontziet, vooral bij grote heesters of planten.
- Als de wortelkluit van je plant hardnekkig weigert zijn pot te verlaten, moet je grover geschut inzetten. Leg de pot op zijn kant. Is de pot van terracotta of keramiek, breek hem dan met een moker, zonder je veiligheidsuitrusting te vergeten. Is de pot van plastic, dan tikken sommige tuiniers met een schep tegen de kweekpotjes om ze stuk te maken. Je kunt de pot ook met een stanleymes of een snoeischaar opensnijden. Let er daarbij op dat je de wortels niet te veel beschadigt.
2- Maak de nieuwe pot klaar:
- Leg onder in de pot een laag kleikorrels of grind;

- Doe wat substraat dat geschikt is voor je plant in de pot. Er bestaan verschillende soorten potgrond, voor zowel vetplanten als cactussen en vaste planten. De juiste potgrond kiezen is daarom erg belangrijk om ervoor te zorgen dat je plant goed aanslaat;

- Maak het substraat vochtig met regenwater met behulp van een plantenspuit of gieter.
Tips: Sommige tuiniers laten een terracotta pot tijdens hoge temperaturen 1 uur in water weken voordat ze gaan verpotten.
3- Bereid je plant voor en verpot haar
- Maak de wortels van de wortelkluit voorzichtig met je handen los, vooral wanneer er een wortelkluit is ontstaan;

- Knip met een snoeischaar dode of beschadigde wortels weg;
- Verwijder zoveel mogelijk van het oude substraat;
- Zet je plant in het midden van de pot. De bovenkant van de wortelkluit moet twee centimeter onder de rand van de pot komen;
- Vul de ruimte rond de wortelkluit aan met substraat. Zorg ervoor dat de plantenhals aan het oppervlak blijft. Deze mag niet worden bedekt.

- Druk de potgrond met je handen aan;
- Geef royaal water om luchtbellen te verwijderen;
- Zet naar behoefte een schotel onder de pot van je plant;
- Breng mulch aan rond de voet van je plant.
4- Verzorging van planten na het verpotten
- Houd tijdens het aanslaan de watergift goed in de gaten en vermijd overmatige vochtigheid. Geef met mate water en houd daarbij rekening met de behoeften van je plant;
- Heeft je plant veel voedingsstoffen nodig en vraagt hij regelmatig om meststof, zoals rozen, wacht dan een maand voordat je begint met bemesten.

Lees ook:
- Ontdek een alternatief voor verpotten: topdressing: wat is het? Wanneer, hoe en waarom pas je topdressing toe bij een plant in pot?
- Lees onze tips over het verplanten van bomen, heesters, rozen en vaste planten: wanneer en hoe?
Opmerkingen