Elk jaar tooien veel bomen en heesters zich in het najaar met hun mooiste kleuren. Ze bieden ons een waar spektakel: hun bladeren kleuren scharlakenrood, koperkleurig of goudgeel voordat ze vallen... Hoewel dit verschijnsel ons verwondert, is het het resultaat van een uitgekiende strategie die planten toepassen om zich in de winter te beschermen. Ze gaan in rust en lassen zo een noodzakelijke pauze in, waardoor ze in het voorjaar beter opnieuw kunnen uitlopen. In dit artikel ontdek je dit mechanisme, dat de vlammende kleuren van het najaar verklaart!

Je kunt dit artikel ook beluisteren in onze podcast:

De herfstbladeren van de Liquidambar, of amberboom

Liquidambar styraciflua is één van de mooiste bomen met herfstkleuren! (foto Frank Vincentz)

Waar komt de groene kleur van bladeren vandaan?

Het blad stelt de boom in staat om zonlicht op te vangen. In het voorjaar en de zomer zijn de bladeren groen omdat ze chlorofyl bevatten. Dit pigment stelt de plant in staat om lichtenergie op te vangen en die te gebruiken om organische moleculen te maken uit water (dat uit de bodem wordt opgenomen) en CO2 (dat uit de atmosfeer wordt opgenomen). Dankzij chlorofyl nemen de bladeren uit het licht de blauwe en rode golflengten op, maar niet de groene... De groene kleur wordt dus door het blad teruggekaatst; daarom nemen we die kleur waar. Andere pigmenten zijn ook in het blad aanwezig, maar ze worden door het chlorofyl gemaskeerd.

Waarom verandert de kleur in het najaar?

Wanneer de dagen korter worden, probeert de boom in rust te gaan en energie te besparen. De boom stopt daarom de toevoer van sap naar de bladeren door aan de basis ervan een klein kurkpropje te vormen. Daardoor krijgen de bladeren geen water en minerale voedingsstoffen meer. De chlorofylpigmenten worden niet langer vernieuwd en verdwijnen uiteindelijk... Omdat ze verantwoordelijk waren voor de groene kleur van de bladeren, veranderen de bladeren dan van kleur. De andere pigmenten in de bladeren zijn echter nog steeds aanwezig: xanthofyllen (geel) en carotenen (oranje) worden zichtbaar zodra het chlorofyl verdwijnt. Zo krijgen de bladeren hun prachtige oranje tinten!

De rode kleuren ontstaan door nieuwe pigmenten die in het najaar worden aangemaakt uit de suikers in het blad: anthocyanen (verantwoordelijk voor donkerrode, violette en purperen kleuren). Tegelijkertijd beschermen ze de bladeren tegen zonnestraling en voorkomen ze dat insecten en andere dieren de plant aantasten: de rode kleur schrikt hen af, omdat deze kleur in de natuur op giftigheid wijst.  

In het najaar krijgen niet alle bomen dezelfde kleur. Verschillende factoren beïnvloeden de kleur van het loof: de pH-waarde van de bodem, vocht en droogte, de genetica (de kleur verschilt per soort en variëteit) en de leeftijd van de plant... Elke kleur hangt af van de specifieke verhoudingen van de verschillende pigmenten en van de manier waarop ze tot uiting komen!

 In Noord-Amerika en Azië zijn de rode kleuren, die door anthocyanen ontstaan, bijzonder uitgesproken. In Europa zijn herfstbladeren daarentegen meestal geel of oranje.  

De kleuren van herfstbladeren

Gevleugelde kardinaalsmuts (foto Jean Jones), rode kornoelje, Japanse notenboom, amberboom en Japanse esdoorn

De bladeren vallen uiteindelijk...

Omdat ze geen sap meer krijgen, drogen de bladeren uit, worden bruin en vallen ze uiteindelijk. Zo bespaart de boom energie en gaat hij in rust, in afwachting van zachtere temperaturen. Zijn stofwisseling werkt trager, waardoor hij water en minerale voedingsstoffen behoudt. Bladeren zijn dunne en zachte weefsels. Bij koud weer zouden ze hoe dan ook kunnen bevriezen en vallen... Het heeft voor de boom dus geen zin om ze te willen behouden! Groenblijvende planten hebben over het algemeen dikkere en sterkere bladeren die bestand zijn tegen lage temperaturen. Ze blijven in de winter fotosynthese uitvoeren, maar ook bij deze planten vertraagt de stofwisseling.

Als de bladeren van bladverliezende bomen vallen, brengen ze organische stof in de bodem. Ze beschermen de bodem, bevorderen insecten en micro-organismen en verrijken en verbeteren bij het verteren de structuur van de bodem, waardoor humus ontstaat. Terwijl de bodem bedekt raakt met een kleurrijk tapijt, geeft het vallen van de bladeren ons de kans om de hele architectuur van de boom te bewonderen! Zo komen de kleur en structuur van de schors, de takken en de vertakkingen goed tot hun recht.

In het voorjaar neemt de daglengte toe. De wortels nemen dan opnieuw water en minerale voedingsstoffen uit de bodem op, die vervolgens door het sap van de boom kunnen stromen. Deze “sapstroom” zorgt ervoor dat de bladknoppen uitlopen en dat er nieuwe bladeren verschijnen... Zo kan de fotosynthese doorgaan tot het volgende najaar!