Over een paar weken beginnen de grassen hun nieuwe bladeren te laten zien. Dan is het tijd om ze terug te snoeien, maar let op: niet alle grassen verdragen dat!

Miscanthus sinensis in de winter
In de winter blijft Miscanthus zeer decoratief.

In tuinen in het noorden zijn grassen soms het enige spektakel in de winter. Ze raken bedekt met rijp, deinen mee met de wind en verlichten onze sombere tuinen zodra de eerste zonnestraal verschijnt. Maar rond half februari, begin maart, begint het loof zich te vernieuwen en moeten de verdorde stengels tot aan de grond worden afgeknipt.

Maar let op: niet alle grassen worden tot aan de grond gesnoeid. Alleen de bladverliezende soorten komen hiervoor in aanmerking; de andere, de wintergroene soorten, moeten worden uitgekamd. Om wat meer duidelijkheid te scheppen, volgt hier een niet-uitputtende lijst van de bladverliezende geslachten die tot aan de grond worden teruggesnoeid:

Andropogon, Bouteloua, Calamagrostis, Chasmanthium, Hakonechloa, Imperata, Melica, Miscanthus, Molinia, Panicum, Pennisetum, Spartina.

en een tweede lijst van de wintergroene geslachten die worden uitgekamd:

Carex, Cortaderia, Deschampsia, Elymus, Festuca, Helichtotrichon, Luzula, Muhlenbergia, Phaenopserma en Stipa

Voor de bladverliezende geslachten is de werkwijze eenvoudig: je pakt een snoeischaar, een takkenschaar of, net als ik, een heggenschaar, en knipt alles af op 10-15 cm boven de bodem, klaar! Voor de wintergroene soorten pak je een hark, al kan het ook met de hand, en kam je voorzichtig het loof uit om alleen de oude bladeren te verwijderen. Dat werkt heel goed, behalve bij oude pollen Stipa tenuissima, die de vervelende gewoonte hebben om uit de grond te worden getrokken. Dat is trouwens het signaal om ze te scheuren en zo de oude planten te verjongen.